Kunnen individuele banken geld creëren uit het niets?

Al meer dan 150 jaar woedt een academische strijd over wat banken nu precies doen als ze geld uitlenen aan klanten. Niet de minste economen mengden zich in dit debat: Macleod, Wicksell, Withers, Marshall, Keynes, Crick, Phillips, Stamp, Mints, Schumpeter, Stiglitz, Samuelson, Tobin, Klein, Gurley and Shaw en nog veel meer. De banken hebben aan deze discussie geen boodschap. Ze gaan rustig door met hun praktijken zoals ze dat altijd deden.

Het probleem is dat in die periode veel financiële crises hebben plaats gevonden die hun oorzaak hadden in de bankensector. De laatste crisis die nog steeds niet over is, is daarvan het heftigste voorbeeld.

Verwarring over wat banken doen

Wat er allemaal in de voorbije jaren is bedacht aan maatregelen om het bankbedrijf te reguleren, het werkt niet. Een echte bankenhervorming lukt niet. Telkens ontstaan (vastgoed-) bubbels als gevolg van teveel kredietverlening die dan plotseling klappen en een depressie of recessie als gevolg hebben, met alle ellende voor gewone burgers van dien.

Er is veel verwarring, omdat bijna niemand precies begrijpt wat banken doen. Bankiers hebben tussen de crises buitengewoon veel winst gemaakt. Ook tijdens de crisis blijven ze buitensporig veel geld verdienen, terwijl de bevolking steeds meer welvaart moet inleveren. Ondertussen proberen politici geleid door academici te begrijpen hoe bankiers werken, in een poging om een volgende crisis te kunnen voorkomen.

Laten zien wat banken doen

De econoom Richard Werner heeft concrete stappen ondernomen om tot de kern van het probleem te komen. Nadat aangetoond was dat individuele banken geld creëren, besloot hij dat het een goed idee was om in de praktijk te laten zien hoe dit werkt bij een doorsnee bankfiliaal om het publiek en mede-academici definitief te overtuigen.

Het was Werner’s bedoeling om de ‘hypothetico-deductieve’ methode van het economisch establishment waar ‘onbewezen axioma’s’ worden ‘geponeerd’ en ‘onrealistische aannames worden toegevoegd om een theoretisch model te bouwen’ te vermijden.

Werner wilde empirisch te werk gaan, hij wilde alleen maar zien wat er gebeurt op de interne rekening van de bank wanneer die geld uitleent aan een klant, om zo hopelijk ‘de geboorte van een lening’ te kunnen zien. Dit was op 7 augustus 2013 toen een kleine bank hem in staat stelde om 200.000 euro te lenen.

Hij werd bijgestaan ​​door behulpzame bankemployees, een fotograaf om screenshots te maken en de BBC-verslaggever Alastair Fee met een cameraman om het allemaal op te nemen.

De samenvatting van zijn wetenschappelijk artikel kun je hieronder in NL vertaling lezen:

Empirisch bewijs dat individuele banken geld creëren uit het niets

Nu is voor het eerst in de geschiedenis van het bankwezen empirisch bewijs geleverd over de vraag of banken geld uit het niets kunnen creëren. De bankencrisis heeft de interesse in deze kwestie nieuw leven ingeblazen, maar het antwoord op de vraag was nog onbeslist.

In de literatuur komen drie hypothesen voor. Volgens de financiële bemiddelingstheorie van bankieren, zijn banken slechts tussenpersonen net als andere niet-bancaire financiële instellingen. Ze verzamelen deposito’s die vervolgens worden uitgeleend.

Volgens de fractionele reserve theorie van bankieren, zijn individuele banken louter financiële intermediairs die geen geld kunnen maken, maar collectief, door middel van systemische interactie, creëren ze wel geld.

Een derde theorie stelt dat elke individuele bank de macht heeft om geld te creëren ‘uit het niets’ en dat doet als krediet wordt verleend (de kredietcreatie theorie van het bankwezen).

De vraag welke van de theorieën correct is, heeft vergaande implicaties voor onderzoek en beleid. Ondanks de langdurige controverse heeft verrassend genoeg, tot nu toe geen enkel empirisch onderzoek de theorieën getest. Dit is de bijdrage van het huidige artikel.

Een empirische test werd uitgevoerd, waarbij geld werd geleend van een samenwerkende bank, terwijl de interne administratie werd gemonitord, om vast te stellen of in het proces van het maken van de lening voor de kredietnemer, de bank deze fondsen van andere accounts binnen of buiten de bank haalt, of dat ze nieuw zijn gecreëerd.

Deze studie stelt voor het eerst empirisch vast dat banken individueel geld uit het niets creëren. De geldhoeveelheid wordt gecreëerd door de banken afzonderlijk,’uit het niets’.”

Oplossing

Geldschepping door banken is geen goede manier om geld te creëren en te alloceren. Deze methode leidt niet alleen tot telkens terugkerende crises, maar ook tot werkloosheid, onnodige soevereiniteitsoverdracht, milieuproblemen en inkomensverschillen. Op de website OnsGeld.nu is meer te lezen over de destructieve gevolgen van private geldschepping.

Werner is van mening dat er een manier is om tot een ‘eerlijke, effectieve, verantwoorde, stabiele, duurzame en democratische creatie en verdeling van het geld te komen’ en hij hoopt dat ‘de ontzagwekkende macht om geld te creëren rechtstreeks aan hen wordt geretourneerd aan wie het behoort: gewone mensen, niet technocraten’.

Burgerinitiatief

Een aantal partijen in Nederland, waaronder de Ons Geld beweging, hebben de handen ineen geslagen om concreet aan zo’n oplossing te werken. Gisteren hebben de Verleiders bij De Wereld Draait Door een Burgerinitiatief gelanceerd om de problemen omtrent private geldschepping in de politiek bespreekbaar te maken en de regering op te roepen de alternatieven te onderzoeken.

Er zijn 40.000 handtekeningen nodig om publieke geldschepping op de politieke agenda te zetten. Teken ook.

***

Bronnen: Science Direct, Richard Werner, Can banks individually create money out of nothing? — The theories and the empirical evidence

Website van het Burgerinitiatief, Geld is van ons allemaal, en dient door de overheid gecreëerd te worden

Burgerinitiatief Ons Geld, publicaties

The Free Lunch, Clarity amidst muddlement. Richard Werner proves credit creation, 24/12/14

Auteur: Mia Molenaar

Reacties zijn gesloten.